Op het moment dat ik dit schrijf zitten we inmiddels alweer drie dagen thuis. De temperatuur is hier met 20 graden ronduit koud te noemen en de eerste Nederlandse regenbui hebben we gehad. De reis lijkt nu niet meer dan een prettige droom waarvan de details snel vervagen. Daarom, voor de laatste keer voorlopig, een korte beschrijving van onze dagen daar.
Om onszelf voor te bereiden op de reis terug, stopten we na Gili Trawangan nog even in het Côte d’Azur van Indonesië. Oftewel Kuta, het toeristencentrum van Bali. De zonsondergang zou hier behoren tot een van de mooiste ter wereld dus die wilden we niet missen. Op het terras met de voeten in het zwembad wachtten we hem af, om er vervolgens achter te komen dat er toch echt een grote wolk op de horizon lag. Beetje jammer.

Kuta bleek verder een nog beter winkelparadijs dan Ubud. Met niet alleen een enorm scala aan merkenwinkels, maar zoals je aan de foto kunt zien ook uitstekende kappers (of in ieder geval eentje dan). En, we moeten het de Balinezen nageven, de terrassen zijn een stuk hipper dan die in Scheveningen. Helaas konden we maar een nachtje blijven in Kuta, want de volgende dag vertrok ons vliegtuig weer naar Kuala Lumpur. We hadden een uitstekend hotel (hotel Equatorial) uitgezocht om lekker heel de dag aan het zwembad te liggen en dat is dan ook precies wat we gedaan hebben. Ironisch genoeg voor het eerst op onze reis. Al moesten ons ‘s avonds nog even vergapen aan het grootste winkelcentrum van Azië, compleet met indoor pretpark en achtbaan. Ik denk niet dat ouders in Maleisië moeite hebben om hun kinderen mee te krijgen naar het winkelcentrum.
En nu? Kim is dinsdag alweer aan het werk gegaan en voor mij beginnen over twee weken de lessen weer. Het was een fantastische maand die niet snel overtroffen zal worden. Al is het wel heel verleidelijk om al een beetje te gaan plannen voor volgend jaar. Mochten jullie een van ons beiden (of allebei) dan weer een maand kwijt zijn, dan zitten we waarschijnlijk weer ergens 10.000 km verderop
.